Paradigm Shift

Een RPG die zich centreert rond het leven in een stad waar alles kan gebeuren.


Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Tekstenschtuff van Eileen

Ga naar beneden  Bericht [Pagina 1 van 1]

1 Tekstenschtuff van Eileen op zo feb 24, 2013 8:55 pm

Pasqual Scodelario

avatar
Aangezien ik het ergens kwijt wil...


.:: AweSome Qoutes ::.

"Angst maakte haar gek. En als ze dit niet zo overleven, zou ze sterven als Riots geliefde."
Solace // Can I never do something good? It's enough. // do jun 28, 2012

"Een vaag geluid. Geruis. Pijn. Verdriet. Een gevoel van spijt. Maar altijd het warme hondenlijf dat tegen haar aan lag."
Solance // Where it all started, it is going to end. // wo dec 12, 2012


"Ze wou met iemand praten, wou zeggen dat ze het niet meer kon. Dat het zo verrekte veel pijn deed, dat ze elke dag het gevoel had dat ze een mes in haar ribben kreeg. Maar ze kon het niet. Alle woorden stonden op haar armen gekerft. Ze kon ze niet nog eens vertellen. Het deed al te veel zeer. "
Solance // Where it all started, it is going to end. // do dec 13, 2012

2 Re: Tekstenschtuff van Eileen op ma jan 27, 2014 1:10 pm

Pasqual Scodelario

avatar
Sean x Kaya crossover
(en een beetje Laury)


Er lagen donkere kringen onder haar ogen. Ogen die diep donkerbruin van kleur waren. Haar bruine haren die lichtjes krulden waren in een slordige vlecht gebonden. Ademloos keek hij naar haar, keek hij toe hoe ze naar een andere jongen toeliep en haar armen om zijn hals heen sloeg. Een steek van jaloezie trof hem, een steek van jaloezie die hij niet kon verklaren. Het verlangen om die jongen te zijn waar ze dicht tegenaan danste, overheerste. Toch sloeg het nergens op, sloeg het helemaal nergens op want het meisje ging van jongen naar jongen. Hij kende haar naam, maar zij zou nooit de zijne kennen.
“Sean?” Een smalle, tengere hand kwam op de zijne te liggen, kneep er zachtjes in en Sean keek op, keek met zijn lichtblauwe ogen in de donkerbruine ogen van het roodharige meisje wat naast hem aan de bar zat. “Kom je dansen?”
Laury heette ze. Een vriendin die hij een tijd geleden had gemaakt omdat zijn kleine zusje ervandoor was gegaan. Zijn kleine zusje had het op een rennen gezet, was achter het roodharige meisje aangegaan omdat ze zo’n raar beest mee had. Een fret, Sean had het wel herkend, maar Rose niet. Rose had het willen aaien, had vervolgens een heel gesprek aangeknoopt met het onbekende roodharige meisje. Conclusie was dat Sean een vriendin nodig had, een vriendinnetje, en dat Laury er lief uitzag en een lieve Harry had, dus moest Laury maar met Sean gaan daten.
Laury had het goed opgevat, had het ‘heeft-een-vriendin-nodig’-gedeelte goed opgevat, had hem nog een paar keer gebeld, samen met Rose uitgenodigd bij haar thuis. Ook Laury had iemand nodig. Ze waren er voor elkaar.
Sean was niet de enige die wees was.
Laury sloeg haar armen om hem heen, het nummer was langzaam en teder, hij bespeurde een traan in haar ooghoek. Langzaam bewogen ze mee op de maat, Laury die steeds meer meeging in de muziek, tot ze daarna tegen hem aan moest kruipen en de tranen liet stromen. Hij streelde haar over haar haren, hield haar tegen zich aan, zoals hij Rose altijd troostte als ze van slag was.
Haar natte wang drukte ze tegen de zijne aan, haar gezicht verborg ze tegen zijn schouder.
“Laury?” Zijn stem hees, zachtjes, vol emotie. “Laury…” Als een zucht, als een ademhaling.
“Het gaat.” Ze snikte niet en presteerde het om haar stem zo normaal mogelijk te laten klinken. Hoe ze het hem flikte wist hij niet. Het gaf hem een ongemakkelijk gevoel, haast alsof ze alles bij elkaar loog, alsof er niets waar was van wat ze zei.
Oogcontact.
Seans adem stokte in zijn keel terwijl hij haar recht aankeek. Ze fronste, keek nieuwsgierig terug en liep op ze af. Laury spande haar spieren aan, van de ontspanning was niets meer te vinden. In een ruk draaide ze zich om, om vervolgens naar het meisje te staren waar Sean al de hele avond naar had gekeken.
“Mag ik hem van je lenen?” Er klonk geen verwijt in haar stem, er klonk geen verachting en geen spot. Laury haalde haar schouders op, mompelde zachtjes dat Sean toch niet van haar was behalve dan een goede vriend.
Haar armen lagen rond zijn middel en hij leek even vergeten te zijn hoe hij ookalweer moest ademhalen. Hoe hij moest nadenken.
“Voelt net als de middelbare school, eh?” lachte ze. Het moest dus obvious zijn geweest, hij moest dus te erg naar haar te hebben gekeken.
Hij was te laat met zijn antwoord.
“Ach, het is ook wel eens schattig. Volgens mij moet je dan echt verliefd zijn. Of echt verlegen.” Sean vroeg zich af of het wat voor hem zou uitmaken. Ze was waarschijnlijk niet geïnteresseerd.
Had ze het gelezen in zijn ogen? Hoe kon ze anders de vraag beantwoorden waar hij het meeste mee zat. Hij had stabiliteit nodig en dat was zij niet.
“Het is niet eens een goed plan. Ik weet wie je bent, jij bent Sean, de jongen die zoveel van zijn zusje houdt. De jongen die meiden van hun adem beneemt maar die het zelf niet eens doorheeft.” Hij zweeg, keek slechts wat geamuseerd naar haar.
“Ik ben een slecht plan,” verzekerde ze hem, terwijl ze haar hoofd naar achteren gooide. “Ik doe dingen waar jij geen weet van hebt.” Was ze er trots op? Zo klonk het wel namelijk.
“Je kan me niet redden.”
Zo volhoudend. Ze zou niet opgeven met hem weg te jagen. Begreep ze dan niet dat hij haar dan juist achterna bleef gaan?
“Ik ben een waardeloos vriendinnetje. Niet -”
Sean drukte zijn lippen op de hare, liet haar niet eens haar zin afmaken. Een zin vol zelfhaat, vermoedelijk. Hij wou het niet eens weten.
Ze reageerde niet zoals hij had verwacht. Hij had verwacht dat ze mee zou zoenen op een onzedelijke manier, suggererend naar meer. Maar het was teder, liefdevol, zorgzaam. Alsof het de eerste keer was dat ze zoende. De eerste keer dat ze écht zoende.
De verwarring was uiteindelijk voor Sean teveel en hij duwde haar dan ook van zich af, wat resulteerde in een schaterlach van haar kant. “Wat wil je nou?”
Hij wist het niet. Hij had háár gezoend.
“Zeg me wat je wilt.” Haar ogen dwingend, alsof ze op die manier Sean kon beïnvloeden. Wat ze ook kon. Hij schudde zijn hoofd, keek haar niet aan. Ging van haar af staan, wat resulteerde in een klagerige kreun.
“Oh Sean, kom op nou!” Zijn blik vloog naar haar, zijn wenkbrauwen in een frons. Wat verlangde zij van hem? Wat wou ze van hem?
“Je wilt me.” Het was een conclusie die hij niet kon ontkennen maar het was niet op de manier waarop zij hem wou.
“Niet voor een nacht.” Hij keek rond, ontmoette Laury met zijn blik en zag hoe ze vragend naar hem keek, alsof hij hulp nodig had.
“Je wilt een vaste dienst?” Ze giechelde. “Met korting zeker?” Hij rolde met zijn ogen, liep weg van haar, maar zij greep hem vast aan zijn arm.
“Nee, Sean, het spijt me.”

3 Re: Tekstenschtuff van Eileen op vr mei 02, 2014 4:57 pm

Jiao Misaki

avatar
Jiao x Shina

~'1'~
Het meisje boog haar hoofd om een glimlach te verbergen die haar hele gezicht sierde. Een lange tijd geleden had ze de jongen nog dagelijks gezien, maar na een tiental aan jaren nam ze het niet voor vanzelfsprekend dat ze hem kon zien. Ze had zich in lange tijd niet zo opgelucht en vrolijk gevoeld.
“Shina, waar zit je toch met je hoofd? Ga aan het werk kind, de rijst wordt niet vanzelf gewassen.” Shina keek even gauw naar de vrouw die dit uitgesproken had.
“Ja moeder,” antwoordde ze terwijl ze weer bezig ging met het schoonmaken van de rijst. Een ellendige klus die haar vingers al had doen bevriezen. Het was voor een goed doel, hield ze zichzelf moedig voor. De familie van haar jeugdvriend kwam eten en ze waren al de hele dag in de weer om een goed avondmaal te bereiden. Shina kon haast niet stil staan en vond dat de tijd te langzaam ging. Jiao die haar telkens berichtjes stuurde maakte haar verlangen om hem weer te zien er niet minder op.
Eindelijk, nadat ze het gevoel had dat ze haar vingers nooit meer zou kunnen ontdooien, was de rijst goed schoon en mocht ze naar boven toe om zichzelf voor te bereiden en iets degelijks aan te trekken. Voor een meisje wat altijd moeite deed voor haar uiterlijk was dit een belediging, maar Shina dacht niet dat haar moeder het op die manier bedoelde. Boven ging ze op zoek naar kleding die bij een deftig diner zou passen. Uiteindelijk viel de keuze op een donkerblauwe jurk met een wit sjaaltje erboven.
Ze bleef lang voor de spiegel staan twijfelen. In de klas viel ze op door haar buitenlandse uiterlijk en door de overduidelijke moeite die ze moest doen om de uitspraak correct te hebben. Dit had haar onzeker gemaakt en had haar laten denken dat uiterlijk een hele belangrijke zaak was.
Langer dan ze had verwacht bleef ze uiteindelijk boven waardoor haar moeder haar moest roepen met de mededeling dat de gasten er waren. Ze schaamde zich rot! Met rode wangen haastte ze zich naar beneden en liep schuchter op de gasten af. In een oogwenk had ze gezien dat Jiao enkel met zijn ouders was gekomen.
Shina boog als wijze van groet en keek toen het echtpaar aan.
“Goedenavond,” zei ze zachtjes. De twee knikten naar haar en ze ging recht staan. Onhandig keek ze nu Jiao aan en ook voor hem boog ze even. Een lichte grijns krulde om zijn lippen en ze moest moeite doen om er geen opmerking over te maken.
“Als u mij wilt volgen,” hoorde ze haar vader tegen Jiao's ouders zeggen. Jiao en Shina bleven in de gang achter.
“Nog niet gewend aan de gebruiken van dit land?” vroeg hij. Ze keek hem slechts vragend aan.
“Ik denk niet dat mijn ouders het me in dank zouden afnemen als ik me niet gedroeg volgens de oude tradities.” Jiao wierp een blik op de deur waar zijn ouders door verdwenen was. Toen nam hij haar vast in een omhelzing die haar hart tien malen sneller deed slaan. In een opwelling legde ze haar armen ook om hem heen en drukte ze haar hoofd tegen zijn borstkas. Zo stond het tweetal enkele minuten totdat ze voetstappen hoorde naderen. Geschrokken lieten ze elkaar los.
Net op tijd, want nog geen seconde later dook de moeder van Shina op.
“Komen jullie? We gaan eten.” Shina glimlachte en knikte. Shina's moeder draaide zich om en liep weg terwijl Shina en Jiao haar schuchter volgden.
Eenmaal aan tafel schoof Shina op de plek waar ze normaliter zou zitten maar de strenge blik in de ogen van haar vader maakte haar erop attent dat ze verplicht was te blijven staan en moest wachten tot ze een plek toegewezen kreeg. Met haar blik op de grond gericht wachtte ze op de gasten die eerst naar de tafel geleid werden. Pas toen iedereen zat kreeg Shina het goedkeurende knikje en ging ze zitten op de enige lege plek die nog over was, naast Jiao.
Bij het neerzitten raakte haar been per ongeluk die van Jiao aan en een rode kleur steeg naar haar wangen. “Shina?” Zijn stem klonk aarzelend en voorzichtig keek ze hem aan. Hij glimlachte bemoedigend naar haar wat erin resulteerde dat ze op haar lip beet en naar haar vader keek. Hij was te druk bezig met de gasten om het vreemde gedrag, wat zijn dochter hanteerde, op te merken.
Met een 'eet smakelijk' kon er begonnen worden aan de rijstmaaltijd. Shina pakte de luxe eetstokjes op die haar ouders speciaal voor deze gelegenheden had gekocht. De mooi versierde stokjes lagen zwaar in de hand maar hadden een prachtige bloem die over de gehele lengte liep. Wat ongemakkelijk begon ze aan haar maaltijd, zich akelig bewust van de aanwezigheid van Jiao. Hij leek ervoor te zorgen dat ze onnodig lomp en onhandig werd. Haar vader maakte een paar snauwerige opmerkingen over haar lompheid en ze besloot om het hierbij te laten. Ze was nog lang niet voldaan, maar nog een opmerking van haar vader zou haar opbreken. Schaamrood was zichtbaar nog lang nadat de maaltijd voltooid was en ze van tafel konden.
Ze had de hele avond nog bijna geen woord gesproken. Dat ze nu met Jiao in de achtertuin zat, maakte het er niet anders op. Ze had zoveel tegen hem willen zeggen maar de woorden bleven in haar keel steken. Er was iets veranderd in de tijd dat ze nog kind waren geweest. Ze waren beide ouder geworden en Jiao was een ernstig aantrekkelijke jongen geworden. Elke keer als hij naar haar keek voelde ze hoe haar wangen rood werden en hoe haar hard tien keer zo snel ging slaan.
Het was te belachelijk voor woorden.
“Shina?” Ze keek op om vervolgens gauw haar blik weer neer te slaan. Jiao ging naast haar zitten waardoor ze wel gedwongen werd hem wat langer aan te kijken.
“Zijn we geen vrienden meer?” Jiao leek oprecht gekwetst te zijn bij deze gedachte en ze schudde onmiddellijk haar hoofd.
“Natuurlijk zijn we wel vrienden, Jiao!” riep ze geschrokken uit. “Alleen je bent zo anders.”
“Oh. Ja, ja jij ook. Ik moet zeggen dat ik de verandering erg leuk vind. Vroeger was je ook schattig, maar nu ben je lief schattig.” Jiao liet een lach horen die als vanzelfsprekend een glimlach op Shina's gezicht dwong. “Lief schattig?” vroeg ze aarzelend.
“Oh. Ja. Eh...” Nu werd Jiao rood.
“Lief?” herhaalde ze met nadruk. Het deed haar hart sneller kloppen en een sprankje van hoop oproepen. Als hij zo over haar dacht kon het zijn dat hij haar niet meer als enkel een vriendin beschouwde.
Het tweetal viel weer in het stilzwijgen van eerder maar beiden leken gelukkig te zijn met hun eigen gedachten. Shina wel, in ieder geval. Stil zitten was op een gegeven moment een te grote last en ze sprong, enthousiast als ze kon zijn, op en ging met haar handen op haar heupen voor Jiao staan.
“Je ouders hielden maar niet op over je geweldige toekomstige paardrijcarriëre,” sprak ze met een zweem van een glimlach. “Daar heb je een paard voor nodig, lijkt me. Onze ouders zijn nog lang niet uitgekletst en je mag vast wel een fiets lenen als ik ze lief aan kijk. Kunnen we naar de stal toe gaan?” Jiao fronste zijn wenkbrauwen even.
“Wil je dat werkelijk? Ga je je dan niet afschuwelijk vervelen?”
“Paarden zijn leuk!” riep ze opgetogen. “Kom nou Jiao, laten we gaan!” Ze pakte zijn hand vast en sjorde hem overeind, hem aanstekend met haar enthousiasme. Ze liet zijn hand niet los toen ze hem meetrok naar het huis, iets wat Jiao uiteindelijk tot stilstand bracht. Hij wist niet waar het stilzwijgen van Shina aan te danken was maar hij was blij dat ze nu weer op haar oude zelf leek. Toch probeerde hij haar wat te kalmeren.
“Shina, bedaar! Het is veel te laat om nog te gaan. Ik neem je morgen mee, oké? Dat beloof ik je,” zei hij gauw toen hij zag hoe Shina's gezicht betrok. “Morgenochtend vroeg, ik zal je wekken.” Shina's gezicht klaarde op bij die gedachte en in een spontaan moment omhelsde ze hem. Ze wou zichzelf snel losmaken uit de omhelzing, bang om zichzelf op te dwingen bij Jiao, maar hij klemde haar nog een moment steviger tegen zich aan. Verward door de signalen die hij af gaf, bleef ze even naar hem kijken terwijl ze op haar lip beet.
“Erewoord?” vroeg ze toen, haar angst om toch afgewezen te worden duidelijk makend.
“Erewoord.”

Ze had die nacht geen oog dicht gedaan. Haar gedachten daalden constant af naar Jiao, naar de twee keer dat hij haar omhelst had. Naar de aangename tintelingen die zijn gelach in haar buik veroorzaakte. Ze had een conclusie getrokken: ze was verliefd op haar jeugdvriend.
Het had haar angst aangejaagd. Verliefd zijn op een jongen was haar niet eerder overkomen en ze had al helemaal niet verwacht dat het bij Jiao zo zou zijn. Niet dat hij onaantrekkelijk was, maar hij was de jongen waarmee ze tot haar zevende de meeste tijd had doorgebracht. Ze had hem altijd als een broer aanschouwd, als de broer die zij als enigskind niet had gehad. Zelfs de jaren dat ze gescheiden waren had ze op deze manier aan hem gedacht. Nooit had ze ook maar overwogen om hem anders te bekijken. Tot gisteren.
Zijn glimlach benam haar gewoon de adem. Wist hij welk effect hij op haar uitoefende? Wist hij dat haar hart een sprongetje maakte iedere keer als hij naar haar keek? Wist hij dat ze reikhalzend naar elk berichtje van hem uitkeek? Vóór gisteravond had ze hem slechts kort gezien. Ze hadden geen tijd gehad om uitgebreid bij te praten, Jiao's familie moest namelijk door. Ze hadden gauw hun nummers uitgewisseld en afgesproken dat ze die avond zouden komen eten. Oké, toegegeven, Shina had toen al haar ogen niet van Jiao af kunnen houden, maar ze had niet gedacht dat het kwam omdat ze... verliefd op hem was.
Shina werd wakker van een zacht gestommel. Verbaasd opende ze haar ogen en ging gauw recht in bed zitten. Wie was daar? Adrenaline pompte door haar hart heen, maakte haar alert en wakker, maar wat zou een klein meisje zoals zij nou tegen een inbreker kunnen aanrichten?
“Shi-chan?” klonk het zachte gefluister. Een ingehouden geproest kwam als antwoord. Was Jiao haar echt komen wekken? De jongen kwam af op het geluid en liep opgetogen haar kamer binnen.
“Gevonden!” zei hij enkel. Shina liet een vrolijke lach horen en keek de jongen met pretogen aan. Hij naderde haar bed, een beetje onwennig omdat zij nog in bed lag, en omhelsde haar kort. Een rode kleur kwam weer op haar wangen en Shina vervloekte haar lichaam.
“Kom, kleed je aan! Dan gaan we naar de paarden toe.” Jiao verdween weer nadat hij Shina nog even door elkaar had geschud. Shina gleed haar bed uit en stond aarzelend voor haar kledingkast. Ze bedacht zich dat ze nog een paardrijbroek had liggen en deze diepte ze dan ook op. Een oude sweater die er toch nog toonbaar uit zag, ging erbovenop.
Na de nodige dingen in de badkamer te hebben gedaan, was ze eindelijk klaar om met Jiao mee te gaan, die van de tijd gelegenheid had gemaakt om een boterham voor haar te smeren. Zij zou dat nooit durven, om in een relatief vreemd huis zelf de spullen te gaan zoeken en brood klaar te maken. Ze wist niet eens zeker of ze het zou durven in een huishouden waar alles wel bekend voor haar was.
“Eh?” Jiao keek op en glimlachte toen hij haar zag. “Ja, ik dacht dat je wel wat zou willen eten. Hier.” Hij stopte haar de boterham toe. “Eet hem onderweg maar, dan gaan we nu op naar de paarden.” Shina, die nu in haar ene hand een boterham had en aan haar andere hand werd meegetrokken, had een verbaasde uitdrukking op haar gezicht. Maar ze kon het niet verhinderen dat ze weer een grote glimlach op haar gezicht had.
“Mogen we wel zo vroeg op stal zijn?” vroeg Shina toen hij haar meenam naar zijn fiets. Aarzelend keek ze naar zijn fiets. “Is dit een truc? Een grap? Stalen ros? Haha?” Jiao nam haar kort in zich op met een haast ietwat gekwetste blik.
“Zou je dat van me verwachten, Shi-chan? Nee. Ik ben dan misschien achttien, maar ik heb geen auto of rijbewijs.” Ze beet op haar lip en nam ongemakkelijk een hap van haar brood.
“Sorry.”
“Is oké. Je moet bij me achterop, ben ik dus bang. Nou ja, je kan ook je eigen fiets nemen, maar -”
“Nee!” onderbrak ze hem scherp. “Dit is prima,” volgde er zachtjes.
Jiao haalde zijn fiets van het slot en ging op het zadel zitten. Geduldig wachtte hij tot Shina op de bagagedrager zat maar doordat ze zich niet goed kon hanteren in Jiao's buurt, tuimelde ze bij de eerste bocht al bijna van de bagagedrager.
“Je mag me best wel vast houden hoor,” zei Jiao. “Of fiets ik te hard? Als ik te hard fiets moet je het zeggen, dan minder ik mijn vaart.”
“Nee.” Ze sloeg onwennig haar arm om zijn middel en hield hem voorzichtig vast. Toch kon ze niet voorkomen dat ze hem op sommige momenten steviger vast greep en haar wang tegen zijn rug duwde. Hij zei er niets van, misschien merkte hij het niet eens op.
Eenmaal aangekomen bij de stal sprong ze nog voor ze stil stonden van de fiets af en wachtte tot Jiao hem had weggezet.
“Ziet er luxe uit,” merkte ze op. Jiao knikte ongemakkelijk, niet wetende hoe hij hierop moest reageren. Luxe was iets wat niet ontbrak in zijn leven en geld speelde nooit een grote rol bij beslissingen. Jiao besefte wel ten volste dat hij het wat dat betreft goed getroffen had, maar echt omgaan met opmerkingen over geld was voor hem onmogelijk. Hij wou niemand voor het hoofd stoten of kwetsen.
“Dus,” besloot Shina, “ga je me nog iets laten zien of mag ik het allemaal van een afstandje bewonderen?” Er klonk geen spot door in haar stem en met een glimlachje sloeg ze Jiao gade. Nu ze wat afstand had, was het makkelijker omgaan met haar gevoelens en kon ze zich iets luchtiger gedragen.
“Ja, eh, we gaan Royalty voeren. En zadelen. En rijden.” Shina's ogen begonnen te glimmen. Het was enkele maanden geleden dat ze voor het laatst had gereden en de manier waarop Jiao sprak over 'we' en 'rijden' wekte haar belangstelling. Niet alleen zij zou op het paard rijden, maar ook Jiao zou zijn kunsten laten zien. Heel misschien konden ze wel samen rijden, bedacht Shina met een opgewonden blos op haar wangen. Maar ze zou waarschijnlijk nooit de moed kunnen opbrengen om het hem op de man af te vragen.
“Dit is Royalty,” zei Jiao toen ze bij een zwarte hengst stonden die zijn neus al nieuwsgierig over de staldeur had heen gelegd. Het dier brieste zachtjes toen Jiao hem even over zijn neus aaide.
“Wat een schatje,” besloot Shina. “Heet hij écht Royalty?” Jiao knikte.
“Voluit heet hij Royance' Royalty, van de fokker waar hij vandaan komt, maar zijn roepnaam is Royalty. Hij is heel leuk en ik ben blij dat ik hem mag rijden.” Shina fronste.
“Je mag hem enkel rijden? Maar... ook dit tijdstip?” Haar verbazing lag op haar gezicht te lezen. “Vind de eigenaar dat wel goed?” Jiao beantwoordde haar vraag met een lach, waardoor ze zich dom begon te voelen. Beschaamd keek ze naar de grond toe. Jiao verbaasde haar door zijn hand onder haar kin te leggen en haar te dwingen hem aan te kijken. Haar hart stopte even toen ze recht in de donkerbruine kijkers van Jiao keek. Het hevige verlangen om zijn lippen te zoenen was aanwezig en haastig knipperde ze die gedachte met haar ogen weg. Nee. Nee dat kon ze niet doen.
“Shina?” Nu keek hij haar bezorgd aan. “Gaat het?”
“Oh.” Wat was dat nou voor een antwoord? Ze vervloekte zichzelf, beet even ferm op haar lip en keek hem nu weer aan. De uitwerking van zijn ogen was nog steeds hetzelfde.
Jiao liet haar uiteindelijk los terwijl er een gespannen sfeer tussen hen in hing. Shina voelde zich misselijk en leunde maar wat tegen de staldeur aan.
“Royalty is van mij,” zei Jiao toen. “Dus ik hoef me geen zorgen te maken over wat de eigenaar ervan vindt. Ja, officieel is hij volgens mij van mijn moeder, maar dat maakt geen verschil.” Hij glimlachte. Het viel Shina niet op.
Ze had zichzelf stevig omklemd met haar armen en moest de moeite doen om haar tranen binnen te houden. De gevoelens waren te intens, ze kon er niet mee omgaan.
“Ik moet gaan,” sprak ze, toen draaide ze zich om en zette het op een rennen. Waarheen? Geen idee.
Uiteindelijk kwam ze niet verder dan de weilanden. Ze zonk neer op een van de bankjes die er stonden en trok haar knieën op. Haar armen sloeg ze eromheen en met een zucht legde ze haar hoofd op haar knieën. Dit ging niet. Ze moest zichzelf kalm zien te krijgen, haar gedachten ordenen, maar ze kon niets anders dan aan Jiao denken.
Zoute tranen rolden over haar wangen en haar zicht vertroebelde. Toen ze voetstappen hoorde naderen, veegde ze ze gauw weg en keek ze verbeten naar het weiland. Jiao plofte naast haar neer.
“Shina?” Zijn bezorgdheid klonk door in zijn stem maar ze was niet in staat een reactie te geven. “Shina, alsjeblieft, práát met me. Ik begrijp niet wat ik verkeerd doe. Of ben je gewoon zo veranderd dat we niet meer bij elkaar passen?” Shina sloeg een trillerige zucht.
“Ik ben veranderd,” begon ze zachtjes, “maar ik wil wel bij je passen.” Ze moest moeite doen om niet weer direct tranen in haar ogen te krijgen toen ze naar hem keek. Zou hij begrijpen wat ze bedoelde?
“Ik ben ook veranderd,” antwoordde Jiao, “maar dan kunnen we toch prima bij elkaar passen?” Hij schonk haar een glimlach die haar verwarde. Het leek alsof hij haar inderdaad begreep.
Haar maag lag in een kramp.
Waarom zou Jiao, een jongen die waarschijnlijk vele meisjes kon krijgen, kiezen voor zijn jeugdvriendin die niets speciaals te bieden had? Het was belachelijk. Hij bedoelde het gewoon vriendschappelijk, zíj was immers diegene die er meer achter zocht.
“Kom je, Shina? We gaan naar Royalty toe. Tijd om te rijden, weet je nog?” Hij reikte haar een hand toe die ze aarzelend aanpakte. Samen gingen ze op weg.

Ademloos keek ze toe hoe Jiao de jonge hengst moeiteloos over de hindernissen stuurde. Jiao was zó ervaren! Ze betwijfelde of ze ooit hindernissen zou durven te nemen die een meter twintig hoog waren. Jiao had er overduidelijk geen moeite mee.
“Zo, al vroeg in de weer?” klonk een meisjesstem en Shina keek op. Ook Jiao reageerde erop en liet Royalty teruggaan naar een rustige draf.
“Goedemorgen Valerie,” antwoordde hij vrolijk, “jij bent er ook al vroeg uit zie ik?”
Valerie liet een vrolijke lach klinken en knikte uitbundig, een beweging die haar gouden krullen vrolijk deed meedeinen.
“Ja, Saphira hier moet voorbereid worden op de wedstrijd van volgende week. Alle hopes up dat ik ga winnen, maar dat kan ik natuurlijk niet met zekerheid zeggen.” Ze klopte de merrie even kort op haar hals. “Hoewel mijn trainer zegt dat ik wel favoriet ben. Er wordt weer lekker veel druk op me gelegd!” Weer klonk er een lachje. Shina keek naar Jiao en zag een uitdrukking op zijn gezicht die ze niet thuis kon brengen. Het leek alsof het hem pijn deed om Valerie te horen over de wedstrijd. Had hij misschien zelf een wedstrijd verloren van haar dat ze vandaar dit soort dingen zei?
Maar Valerie leek het niet op te vallen dat Jiao haar praatje over de wedstrijd niet leuk vond.
“Veel succes met trainen dan,” zei hij met een kleine glimlach op zijn gezicht. Valerie liep door en hij liet Royalty overgaan naar een stapje. “Kom, ik gooi het zadel eraf en dan gaan we samen het bos in.” Shina's ogen werden groot en snel stapte ze de bak in.
“Zeker?” vroeg ze aarzelend. “Zeker,” antwoordde Jiao. Ze hield Royalty vast terwijl Jiao het zadel aflegde en terugbracht naar zijn kast. Jiao was niet in zijn normale doen en toen hij terug was keek Shina hem verlegen aan.
“Vind je het niet fijn om over wedstrijden te praten?” vroeg ze. Jiao schudde zijn hoofd en gaf zijn cap aan haar. Zijn blik hield hij strak op de grond gericht.
“Jiao?” Nu moest hij wel opkijken. 'Ik kom er niet alleen op?”
“Oh ja, sorry Shi-chan.” Hij kwam achter haar staan en sloeg zijn armen om haar heen. Haar hartslag versnelde nu ze Jiao zo dichtbij zich voelde. Toen hij haar optilde, klampte ze haar armen vast om de nek van de hengst zodat ze niet aan de andere kant eraf zou glijden. Ze ging recht zitten en voelde de vertrouwde contouren van een paardenlichaam.
“Wauw!” zei ze met een grote grijns. “Hij zit comfortabel!”
“Rij maar een rondje,” glimlachte Jiao haar toe. Zijn ogen leken niet mee te lachen waardoor Shina een zwaar gevoel op haar borst kreeg. Had zij iets verkeerds gedaan?

4 Re: Tekstenschtuff van Eileen op vr aug 08, 2014 1:42 pm

Solance Ainsworth

avatar

Please forgive me, I can't forgive you now.

ZE HAD ZIJN nummer op een magische wijze weten te verkrijgen en had hem een berichtje gestuurd. Ze wou praten. Maar naar Pasquals mening was er al voldoende gepraat. Viel er niets meer te zeggen. Toch kon hij haar niet tegenhouden, was hij nieuwsgierig naar wat ze te zeggen had. Hij begreep zichzelf niet. Begreep haar niet. Waren ze niet uit elkaar? Was het niet gewoon over tussen hen?
De deurbel ging en Pasqual bewoog zich ernaartoe. Zijn hart klopte in zijn keel en zijn handen voelden zweterig. Wat nerveus opende hij de deur en zag haar staan, voor het eerst sinds een hele lange tijd.
“Hi,” zei ze met een klein glimlachje. Pasqual bloosde, hield de deur voor haar open en gebaarde dat ze naar binnen moest lopen. Verlegen liep ze naar binnen toe en stond een beetje te dralen in de gang.
“Mooi huis heb je,” zei ze zachtjes waarna ze haar haar schikte, een tic die ze had als ze zich niet op haar gemak voelde.
“Dankje,” reageerde hij ietwat ongemakkelijk. Ergens voelde hij dat zij ook eraan dacht dat ze hier samen hadden kunnen wonen, dat dit hun plekje had kunnen zijn, maar ze zeiden er beide niets over. “Ga maar ergens zitten. Wil je iets te drinken?” Pasqual liep naar de keuken toe, schonk twee glazen water in en liep toen weer terug. Hij nam plaats op de stoel naast die van Chloë, zodat hij niet gedwongen was samen met haar op een bank te zitten. Dat zou hij vermoedelijk niet eens aankunnen.
“Dus... waarom ben je hier?” stak hij maar gelijk van wal. Chloë keek hem half schuldig aan en opende haar mond om iets te zeggen. Vrijwel direct sloot ze hem weer en nam een slok water.
“Ik mis je.” Pasqual sloeg zijn ogen neer en balde zijn vuisten. Wat moest hij met deze informatie? Alsof hij haar niet miste. Hij miste haar, iedere dag weer, maar hij wist dat het over was en dat ze niet meer bij elkaar waren. Niet meer bij elkaar zouden komen ook. Ze had haar kans lang genoeg gehad, hij had een lange tijd met zijn deuren open gestaan, maar zij was gevlucht.
“Oké, en wat verwacht je nu van me? Een staande ovatie?” reageerde hij nukkig.
“Nou zeg, je kan ook heus wat aardiger zijn.” Chloë keek hem met een verontwaardigde blik aan alsof ze zeggen wou dat het niet expres gegaan was. Dat ze er niet zelf voor had gekozen om weg te gaan.
“Best. Ik hou me in. Maar begin alsjeblieft want ik heb ook nog andere dingen te doen vandaag.” Op die manier maakte hij even duidelijk dat hij hier niet al te erg op zat te wachten en dat hij zodra het praatje over was, gewoon weer door zou gaan op de orde van de dag. Ze beheerste zijn leven niet meer, ze waren niet in een relatie, ze waren niet eens bevriend.
“Het spijt me zo dat ik zomaar ben weggegaan,” begon ze. Pasqual wou er al iets tegenin brengen maar hij zei maar niets. Hij keek haar slechts met een septische blik aan. “Ik huil mezelf zo ongeveer elke nacht in slaap, word verdrietig wakker... Elke ochtend voelt het alsof ik weer een dag verpest, weer een dag zonder jou.” Pasqual verschoof iets, slikte een brok in zijn keel weg. Toen Chloë hem aankeek en hij de tranen in haar ogen zag, beet hij even op zijn lip.
“Ik hou zoveel van je. Zo ontzettend veel. Ik mis een gedeelte van me nu jij er niet meer bent. Ik kan gewoon niet meer gelukkig zijn, wat ik ook probeer.” Haar laatste woorden waren bijna onhoorbaar door de tranen die door hun verdediging hadden heen gebroken. Ze zat voorover gebogen met haar gezicht in haar handen, haar haren als een gordijn die het hele tafereel bedekte. Haar hele lichaam schokte van de tranen en het verdriet dat ze probeerde terug te dringen, maar hoeveel geweld ze ook gebruikte om het tegen te houden, het had slechts het omgekeerde effect.
Ook bij Pasqual begonnen er tranen te vloeien. Hoe ontzettend graag hij haar op dat moment had vastgepakt en tegen haar had gezegd dat het allemaal wel goed kwam, hij kon het gewoon niet. Hij wou het wel, maar kon het niet.
Er viel een stilte, waarin enkel het geluid van Chloë's ingehouden gesnik was te horen. Pasqual vlocht zijn vingers in elkaar, staarde ongemakkelijk naar zijn schoenen.
“Ik denk dat ik maar ga,” fluisterde Chloë met een stem die op het punt stond om te breken. Ze stond op en klemde haar armen om zichzelf heen. Ook Pasqual stond op maar kwam onhandig neer op zijn voeten waardoor hij zich verstapte en bijna tegen Chloë aan botste. De afstand tussen hen was nu minimaal en haar gezicht was dichterbij dan hij in maanden was geweest.
Als ze haar blik nu oprichtte, kon hij haar –
Nee! Nee, absoluut niet! Dat was het slechtste plan ooit!
Chloë keek met betraande ogen naar hem op, haar blik zo diep triest. Haar lippen vormden een omgedraaide 'u' en in haar ogen lag een schuldbewuste blik.
Hij ging hier zoveel spijt van krijgen.
Zijn handen omlijstte haar gezicht, hielden het teder vast. Zijn lippen vonden de hare, een bekend gevoel waarvan hij gedacht had het nooit meer te voelen. Even hield zijn hart ermee op, om vervolgens op een versneld tempo verder te bonzen. Niet lang nadat hij zijn lippen op haar lippen had gepland, trok hij zich terug. Zijn handen liet hij liggen. Verwonderd keek Chloë hem aan, terwijl haar handen naar haar gezicht vlogen om ze verward op Pasquals handen te leggen.
Geen van tweeën sprak. Geen van tweeën zei iets.
“Ik...” begon Chloë
“Hou van je,” onderbrak Pasqual haar.


_________________

When all we have left are memories. And with so many good memories, the
bad ones are remembered best.

5 Re: Tekstenschtuff van Eileen op za okt 04, 2014 1:45 am

Solance Ainsworth

avatar
Hier volgt nog een emotioneel over Pasqual en Solance die voor het eerst een vertrouwelijk gesprek hebben.


_________________

When all we have left are memories. And with so many good memories, the
bad ones are remembered best.

6 Re: Tekstenschtuff van Eileen op do sep 17, 2015 9:16 pm

Solance Ainsworth

avatar
Ali x Dean x Jessi 

Ali had hem weer eens zonder wat te laten weten ergens mee naartoe getrokken. Het was een café, haast nog ouderwets, met leren banken en leren barkrukken. Dean en Ali hadden een plekje op de bank weten te bemachtigen en Ali was dichtbij hem gekropen, had op een gegeven moment haar hoofd op zijn schouder gelegd. Dean wist heel niet waarom ze hier zaten en Ali wou het hem niet vertellen. Hij moest het zelf maar ervaren.
Toen kwam het meisje op. Met krullerig haar wat alle kanten op sprong en de meest opvallendste ogen die Dean ooit had gezien. Zijn adem stokte in zijn keel en zijn hart begon een pas sneller te slaan. Hij wist niet wie het was, hij wist niet waarom hij zo hevig reageerde, maar dit meisje wilde hij leren kennen.

Ali had opgemerkt dat hij was gaan verzitten en ze glimlachte even. Het was voor Ali niet moeilijk om te glimlachen, dit was een van haar eigenschappen dat ze dit constant deed.


_________________

When all we have left are memories. And with so many good memories, the
bad ones are remembered best.

7 Re: Tekstenschtuff van Eileen op wo nov 04, 2015 8:29 pm

Pasqual Scodelario

avatar
Het liep al weken niet goed tussen hen in en Pasqual besefte zich dat als hij op deze manier doorging, hij het meisje kwijt zou raken. Maar er was al iets tussen hen ingesprongen, iets wat Pasqual niet wou bekennen. Hij was haar niet kwijt, maar zij was hem kwijt. Ze was hem verloren toen ze zichzelf die ene, bewuste avond weer pijn had gedaan en hem niet had toegelaten. Het had hem te diep getroffen, had hem te zeer geraakt waardoor hij zichzelf niet meer durfde open te stellen aan het meisje. Zich niet meer durfde te hechten, uit angst dat het allemaal voor niets was. Hoewel alles vroeger zo vanzelfsprekend leek, was het nu allemaal een moeite. Het lukte niet meer en voelde niet meer goed.
Het was dan ook geen gigantische verrassing toen het meisje ineens haar koffers aan het pakken was. Pasqual zat op de bank, zich af te vragen wat hij moest doen, of hij haar moest helpen of dat ze dit alleen moest doen. De deurbel ging en Pasqual stond op van de bank om de deur te openen. Jayden stond voor zijn neus, ietwat onzeker de jongen aan te kijken.
“Pasqual,” begroette hij hem. Pasqual knikte, stak zijn handen in zijn broekzakken en slenterde de kamer weer in, waar Kathie was verschenen met haar koffers. Ze keek hem niet aan.
“Ben ik te vroeg?” vroeg Jayden met een angstige ondertoon in zijn stem. Kathie knikte kort.
“Ik wacht in de auto,” bromde de jongen en met die woorden liep hij weg.
“Je gaat ervandoor,” stelde Pasqual. Het was niet eens een echte vraag. Het meisje knikte langzaam, een traan verscheen op haar wang, wat Pasqual boos maakte. Had zij echt het recht om nu te huilen terwijl zij hem in de steek liet? Hij sloeg zijn armen over elkaar heen.
“Het spijt me,” fluisterde het meisje terwijl ze vermeed hem aan te kijken. “Het is te veel. Je bent te goed voor me. Het voelt niet meer goed.” Ze was nu echt aan het huilen.
“Ik heb het verpest Pasqual, dat voel ik ook. En ik wou dat ik anders was, dat dit allemaal niet was gebeurd en dat ik in je armen kon duiken. Maar dat kan niet meer. Het is beter als ik ga.” Pasqual voelde hoe er een steek door hem heen ging. Ze sprak niets anders dan de waarheid.
Hij kon het niet ontkennen en hij kon haar niet tegenhouden. Het was namelijk waar dat –
“Ik wil niet dat je gaat,” fluisterde Pasqual, nu ook een traan glinsterend in zijn ooghoek.
“Maar ik heb het verpest,” mompelde Kathie verward. “Ik heb je –“
“Ik weet het, maar ik –“ Hij kon het niet. Kon het niet zeggen. Kathie wist wat hij wou zeggen en wist op welke woorden hij bleef steken. Het maakte haar alleen maar meer zelfverzekerd over de keuze die ze nu moest maken.

“Bedankt voor alles. Jayden komt Kento morgen ophalen, mama heeft besloten dat het beter is als ik naar een andere stal verhuis.” Met die woorden nam ze haar spullen vast en liep ze weg en hij deed niet eens de moeite haar achterna te gaan.

8 Re: Tekstenschtuff van Eileen op vr dec 11, 2015 12:03 am

Pasqual Scodelario

avatar
Kathie

Het gebeurde ineens. Plotseling. Het gevoel wat haar overtrof was fijn maar tegelijkertijd beangstigend en ze wist het niet te plaatsen. Huilen stond haar nader dan het lachen, maar de reactie op haar stomme droom was positief. Alles was ineens positief. Van het vreemde, onaangename gevoel wat ze had gehad, leek het allemaal vervaagd te zijn, naar de achtergrond, en ze snakte naar iedere opmerking die gemaakt werd. Ze vond de wederzijdse aandacht heerlijk en de spanning die erdoorheen te voelen was, was zo aangenaam. In haar hoofd bedacht ze allerlei scenario’s met hoe dingen zouden kunnen lopen. Gekke scenario’s, misschien onmogelijk, maar allemaal even heerlijk omdat ze met haar zouden eindigen. Het warmde haar hart, warmde alles in haar op, van die ijzige kou waarin ze verbleven was. De kou die met haar vorige liefde verdwenen was, was nu in volle vaart terug en het enige waar ze naar verlangde was háár. En het was zo stom, dat besef had ze, ze had het besef hoe stom het was, maar ze kon niet anders. Haar hart leek gevuld te zijn met niets anders dan haar en het was zo wanhopig, zo stom, zo onbenullig. Maar het maakte haar gelukkig.
Het enige was de hoop. Er was hoop. Misschien was dat wel het stomste. Hoe klein die hoop was, hij was er en hij was aanwezig en hield de kou op een afstandje als een brandende kaars.
Voor het eerst sinds tijden waren liefdesliedjes weer mooi, voor het eerst sinds tijden had ze haar hart weer opengesteld en het voelde zo geweldig, zo fijn, zo vertrouwd. Zo in orde, zo ontzettend in orde. Alles was zo fijn en ze had het ingewikkeld gemaakt. Maar zij maakte het óók ingewikkeld.
Ze haalde adem, zuchtte diep. Wist niet welke keuze ze moest maken, of ze een keuze moest maken. Misschien was de keuze wel helemaal niet aan haar. Want zij had al een keuze gemaakt: er zou niets door haar toedoen kapot gaan. Niets. Zij zou nooit een dwang zijn om haar iets te laten doen. En mocht er iets gebeuren zou dat het fantastische zijn, maar dan zou zij… wat zou ze. Er zijn voor haar. Dat was wat ze deed. Altijd. Tot zij een keuze maakte die een einde of een begin zou zijn. En wat het ook zou zijn: elke keuze was goed.

Ze had in ieder geval nog haar dromen.

9 Re: Tekstenschtuff van Eileen op vr apr 22, 2016 9:39 am

Pasqual Scodelario

avatar
I am so sorry for the sads. Noncanon, overigens.

Ademhalen. Dat is het eerste wat je moet doen. Hoe moeilijk het in de situatie ook lijkt, ademhalen is de eerste stap.
Hij had haar hand vastgehouden. Was bij haar geweest vanaf het begin, vanaf het moeizame begin. Eerst leek het te gaan zoals ze hun leven nu leefden, als van een roze wolk. Maar toen waren er complicaties geweest. Bepaalde bloedwaardes waren veel te hoog en ze moesten nu gehaald worden, anders ging het mis. Pasqual had zich het pas gerealiseerd toen Moora werd weggereden en hij achter het bed aan moest hollen. Moora was weggevallen en was aan het zuurstof gekoppeld. Pasqual had naar binnen willen rennen maar ze hadden hem tegengehouden. Ze zouden hem roepen zodra het nodig was.
Pasqual had geprobeerd om vooralsnog binnen te komen maar ze hadden hem duidelijk gemaakt dat hij nu niet hier mocht zijn. Hij had de ernst van de situatie nog niet begrepen.
Toen werd hij binnengeroepen. Het gezicht van de dokter toonde niets anders dan een flinke portie medelijden. Pasqual, niet in staat om ook maar iets te denken buiten het ‘ik moet naar Moora toe,’ had niet goed op het gezicht gelet. Had niet goed geluisterd naar de signalen die werden gegeven. Iedereen in de zaal keek toe hoe de jongen naar Moora toeliep en haar hand pakte. Ze was nog warm. Misschien was dat de reden dat Pasqual in eerst instantie niets vreemds kon ontdekken. Hij nam haar hand en streelde haar gezicht, maar voelde hoe slap ze was.
“Moora?” zijn stem klonk aarzelend. Toen keek hij zoekend de zaal rond. Het verwachtte gehuil van de kinderen ontbrak. Toen zag hij ze liggen. Ingezwachteld in een deken. Maar er was geen beweging. Geen gespartel. En geen gehuil.
Moora reageerde niet, dus liet Pasqual haar aarzelend los en liep op zijn kinderen af. Hun kinderen, bewegingsloos. Ze hadden een rare blauwe kleur, niet de kleur die hij verwacht had. En het feit dat ze geen enkel geluid maakte… het gaf hem een heel raar gevoel. Maar hij weigerde het te geloven. Weigerde te geloven wat nu langzaam zijn brein in probeerde te komen.
Ze waren koel. Een stuk koeler dan Moora was geweest. Hij keek naar ze. Probeerde langzaam te bevatten wat er was gebeurd. Hoe zijn leven nu op zijn kop was komen te staan. De dokter die hem binnen had gelaten was nu naast hem komen staan, legde zijn hand op zijn schouder.
“We hebben alles gedaan,” sprak hij. Pasqual verstijfde. Blikte naar hem.
“En Moora?” De afwezigheid van apparaten om hem heen was hem opgevallen, maar hij probeerde te ontkennen dat het waar was. Niet zij…
“Het spijt me.” Pasqual verliet de kinderen en ging bij Moora staan. Toen hij haar ingevallen gezicht zag, besefte hij dat het waar was. Haar borstkas ging niet meer op en neer, zoals hij haar hele leven had gedaan. Haar hart klopte niet meer, het hart waar hij zo graag naar geluisterd had. Hij legde zijn hand op haar wang en een eerste snik borrelde omhoog. Intense pijn van het verlies van niet een geliefde, maar drie. Drie ineen. Het was teveel om te behappen. Alleen de kinderen verliezen zou zwaar zijn geweest, maar hij zou altijd haar hebben gehad om op terug te vallen. Maar nu was zij, de zon van zijn leven, weg.
De volgende golf emotie overspoelde zijn lichaam. Hoewel hij weg had willen lopen en niet bij wildvreemde ook maar enig geluid had willen maken, kon hij niet anders. De pijn was te groot, het gat in zijn hart te gapend. Hij had het uit willen schreeuwen. Had willen gillen dat het oneerlijk was. Hij drukte zijn lippen op Moora’s voorhoofd, nog steeds een beetje warm en zweterig. Hij trilde over zijn hele lichaam.
De dokter had zijn zusje binnengelaten, die al een tijd met hem in de wachtkamer had gezeten maar waar Pasqual het volledige besef over verloren was. Er was geen besef meer buiten Moora om. Hij zag niet hoe Kaya eraan toe was, voelde enkel haar smalle arm om zijn middel heen. Haar hoofd tegen zijn arm. Er waren geen geruststellende woorden, niet van haar kant. Zij huilde ook, ongegeneerd. Hoe vreemd het ook was, de gezamenlijke smart leek het leed te verzachten. Het nam het leed niet weg, maar het maakte wel dat het iets beter was.

Gesponsorde inhoud


Terug naar boven  Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum